Spreuken 18:1-24 HTB

[1] Iemand die meent het alleen te weten, zoekt zijn eigen voordeel, hij verwerpt de wijze raad van anderen. [2] De dwaas heeft geen behoefte aan verstand, zijn dwaze hart ligt open. [3] Met de goddeloze komt ook de verachting en met de misdaden komt de schande. [4] Een verstandig man zegt diepzinnige dingen, de bron van wijsheid voedt een beek die nooit droog valt. [5] Het is niet goed om in een rechtszaak een schuldige onschuldig te verklaren en daardoor een oprecht mens te benadelen. [6] De dwaas veroorzaakt ruzie, zijn woorden hitsen op tot handgemeen. [7] Zijn grote mond breekt hem op en hij raakt verstrikt in zijn eigen woorden. [8] Naar de woorden van een roddelaar wordt gretig geluisterd, zij glijden zachtjes naar binnen en zetten zich vast in het gemoed van de toehoorders. [9] Een luiaard is net zo erg als een man die zijn geld over de balk smijt. [10] De HERE is een sterke toren, zijn naam is kracht. De rechtvaardige zal bij Hem zijn toevlucht zoeken en veilig zijn. [11] Een rijke voelt zich sterk door zijn bezit, hij maakt zichzelf wijs dat zijn geld hem beschermt zoals een hoge muur. [12] Wie hooghartig is, komt ten val, maar nederigheid wordt altijd gevolgd door eer. [13] Wie antwoord geeft voordat de vraag is uitgesproken, wordt als een dwaas beschouwd. [14] Een moedig hart is de mens tot steun, zowel in geestelijk als lichamelijk lijden, maar wie zal een ontmoedigd hart tot steun zijn? [15] Wie verstandig is, wil toenemen in kennis, hij is gespitst op wijze woorden. [16] Een goed geschenk geeft iemand de ruimte en opent deuren naar vooraanstaanden. [17] De eerste pleiter in een rechtszaak schijnt gelijk te hebben, maar de woorden van de wederpartij werpen pas volledig licht op de zaak. [18] Het werpen van het lot maakt een einde aan geschillen en brengt scheiding tussen de partijen. [19] Een broeder die zich onrechtvaardig behandeld voelt, is een hardnekkiger tegenpartij dan een sterke en opstandige stad. Geschillen tussen broeders sluiten deuren, zoals grendels de paleispoorten afsluiten. [20] Iemands woorden vullen zijn hart, met goede dingen als het goede woorden zijn, met kwade dingen als het kwade woorden zijn. [21] Op de tong liggen zowel dood als leven: wie aan een van beide de voorkeur geeft, zal de vruchten daarvan plukken. [22] Vindt u een goede vrouw, dan hebt u het goed getroffen, beschouw haar als een geschenk van de HERE. [23] De arme smeekt, maar de rijke spreekt harde woorden. [24] Wie veel vrienden heeft, raakt geruïneerd, maar een echte vriend is meer waard dan een broer.

About this translation

Het Boek 2007 - Dutch cover
Het Boek 2007 - Dutch $5.99
Life Bible app icon
Get the Life Bible app Read offline, sync highlights and notes, and study with your library on any device.