Spreuken 15:1-33 HTB
[1] Een zachtmoedig antwoord sust de woede, maar een tactloze uitspraak roept de woede juist op. [2] Een verstandig mens weet zijn kennis goed te vertolken, maar de woorden van een zot zijn een bron van dwaasheid. [3] Gods ogen zien alles, al het kwade én al het goede. [4] Gezonde woorden zijn als een boom van leven, verkeerde woorden richten echter schade aan. [5] Een dwaas zal de lessen van zijn vader negeren, maar wie luistert naar de terechtwijzingen van zijn vader, toont zich verstandig. [6] Het huis van de rechtvaardige bergt vele schatten, maar de goddeloze doet zichzelf schade aan. [7] Verstandige mensen strooien kennis om zich heen, terwijl het hart van de dwaas een dwaalspoor kiest. [8] De HERE verafschuwt het offer van de goddelozen, maar een oprecht gebed doet Hem goed. [9] De HERE verafschuwt goddeloos gedrag, maar wie zich toelegt op oprechtheid, zal Hij liefhebben. [10] Onderwijs en berisping zijn onaangenaam voor wie de goede weg verlaat. Wie terechtwijzing haat, gaat de dood tegemoet. [11] De diepten van de hel zijn voor de HERE als een open boek, dus kan Hij de harten van de mensen zeker peilen! [12] Een spotter houdt er niet van als hij bestraft wordt en mijdt daarom verstandige mensen. [13] Een vrolijk hart geeft een blij gezicht, maar een treurig hart knakt de geest. [14] Een verstandig hart verlangt naar kennis, maar de dwaas put uit een bron van dwaasheid. [15] Een bedrukt mens lijdt een triest leven, maar een vrolijk hart geeft levenslust. [16] Weinig bezit met een eerbiedig ontzag voor de HERE is beter dan veel rijkdom en een onrustig geweten. [17] Een eenvoudig maal in een liefdevolle sfeer is beter dan een overvloedig diner met een liefdeloze sfeer. [18] Een lichtgeraakt mens veroorzaakt ruzie, een geduldig mens zorgt voor verzoening. [19] Een luiaard is vol dorens en distels, maar voor een oprechte wordt de weg gebaand. [20] Een verstandige zoon geeft zijn vader veel vreugde, maar een dwaas veracht zijn moeder. [21] Een onverstandig mens beleeft plezier aan zijn eigen dwaasheid, maar een verstandig mens zoekt de goede weg. [22] Zonder goede raad gaan plannen teniet, maar veel adviseurs doen plannen slagen. [23] Een passend antwoord maakt de spreker blij en wat is een woord goed op zijn tijd! [24] De levensweg leidt de verstandige naar boven, hij blijft buiten bereik van het dodenrijk beneden. [25] De HERE richt een hoogmoedige ten gronde, maar voor de weduwe springt Hij in de bres. [26] De HERE verafschuwt de gedachten van een boosdoener, maar woorden uit liefde gesproken zijn zuiver. [27] Een oneerlijk mens brengt onrust in zijn eigen huis, maar wie smeergeld haat, zal leven. [28] Een rechtvaardige denkt voordat hij spreekt, een goddeloze spuit volop vuile taal. [29] De HERE houdt goddelozen op een afstand, maar het gebed van rechtvaardigen zal Hij verhoren. [30] Vriendelijke ogen maken het hart blij en een goed bericht schenkt nieuwe moed. [31] Wie luistert naar opbouwende terechtwijzingen, bevindt zich in wijs gezelschap. [32] Wie de berisping verwerpt, doet zich zelf tekort, maar wie luistert, krijgt verstand en wijsheid. [33] Eerbiedig ontzag voor de HERE leidt tot wijsheid en nederigheid leidt tot eerbetoon.
