Psalmen 129:1-8 HTB

[1] Een bedevaartslied. Laat Israël het volgende zeggen: sinds de tijd dat ons volk ontstond, zijn wij onderdrukt. [2] Van het begin af aan hebben zij ons in moeilijkheden gebracht, maar zij hebben ons niet overwonnen. [3] Zij hebben ons onderdrukt en zelfs gemarteld. [4] Maar de HERE, die rechtvaardig oordeelt, heeft de touwen waarmee de ongelovigen ons hadden vastgebonden doorgesneden. [5] Alle volken die Jeruzalem haten, zullen te kijk worden gezet en wegvluchten. [6] Zij lijken op gras dat op de daken groeit en al is verdord voor het wordt uitgetrokken. [7] Het kan zelfs niet meer als hooi dienen. [8] Voor zulke mensen geldt niet de zegenwens: ‘Ik bid dat de HERE u zegent.’ Ook niet: ‘Wij zegenen u in de naam van de HERE.’

About this translation

Het Boek 2007 - Dutch cover
Het Boek 2007 - Dutch $5.99
Life Bible app icon
Get the Life Bible app Read offline, sync highlights and notes, and study with your library on any device.