Job 5:1-27 HTB

[1] ‘Roep toch! Maar wie zal antwoord geven? Tot wie in de hemel kun je je richten? [2] De dwaas ergert zich dood en een onverstandige sterft van jaloezie. [3] Ik heb zelf gezien hoe het een dwaas goed ging, maar ook hoe plotseling het onheil over hem kwam. [4] Zijn kinderen bleven eenzaam en vertrapt achter en er was niemand die voor hen opkwam. [5] Zijn oogsten werden door hongerige mensen gestolen, zelfs het koren tussen de dorens, zijn rijkdom was een gemakkelijke prooi voor rovers. [6] Want onheil komt niet zomaar uit de aarde opzetten, moeilijkheden groeien niet uit de grond op. [7] Maar de mens wordt geboren voor moeite en ellende, net zo zeker als vonken omhoogschieten. [8] Ik geef je deze raad: ga naar God en leg Hem de situatie voor. [9] Want Hij doet machtige en onbegrijpelijke dingen, Hij verricht ontelbare wonderen. [10] Hij geeft regen op de aarde en voorziet de velden van water. [11] De nederigen brengt Hij tot aanzien en de bedroefden schenkt Hij geluk. [12] Hij doorkruist de plannen van listige mannen, zodat zij die niet kunnen uitvoeren. [13] God vangt de wijzen in hun eigen sluwheid, Hij zet een streep door hun plannen. [14] Als blinden schuifelen zij door het daglicht, zij zien overdag niet beter dan ʼs nachts. [15] God bevrijdt de armen uit de greep van deze onderdrukkers met hun kwaadsprekerij. [16] Op die manier krijgen de armen hoop en wordt de goddelozen de mond gesnoerd. [17] Hoe benijdenswaardig is een mens die door God streng wordt opgevoed. Wordt daarom niet boos als de Almachtige je om je zonde straft. [18] Want nadat Hij wonden heeft toegebracht, verbindt en geneest Hij ze ook weer. [19] Steeds weer zal Hij je redden, zodat het kwaad je niet raakt. [20] Hij zal je beschermen voor de dood in tijden van honger en redden uit de macht van het zwaard in tijden van oorlog. [21] Van kwaadsprekerij zul je niets te vrezen hebben, voor geweld hoef je niet bang te zijn. [22] Je zult lachen om oorlogsgeweld en hongersnood, voor wilde dieren van de aarde hoef je niet bang te zijn. [23] Ook zul je geen last hebben van stenen bij het ploegen van je akkers. Er zal vrede zijn tussen jou en de gevaarlijke wilde dieren. [24] Je zult je geen zorgen hoeven te maken om je huis, er zal niets uit worden gestolen. [25] Je zult vele kinderen krijgen en jouw nakomelingen zullen zo talrijk zijn als het gras. [26] Pas op hoge leeftijd zul je sterven, evenals het koren zul je niet voortijdig worden geoogst. [27] Uit ervaring weet ik dat dit allemaal waar is. Luister naar mijn raad, het is voor je eigen bestwil!’

About this translation

Het Boek 2007 - Dutch cover
Het Boek 2007 - Dutch $5.99
Life Bible app icon
Get the Life Bible app Read offline, sync highlights and notes, and study with your library on any device.