Deuteronomium 6:1-25 HTB
[1] ‘De HERE, uw God, droeg mij op u al deze geboden te geven, die u moet gehoorzamen in het land dat u spoedig zult binnentrekken en waar u zult leven. [2] Het doel van deze wetten is dat u, uw kinderen en uw kleinkinderen de HERE, uw God, eer bewijzen door al zijn aanwijzingen uw leven lang op te volgen. Als u dat doet, hebt u een lang en voorspoedig leven in het vooruitzicht. [3] Daarom, Israël, luister goed naar elk gebod en gehoorzaam het nauwgezet, zodat het u goed zal gaan en u vele kinderen zult hebben. Als u deze geboden gehoorzaamt, zult u een groot volk worden in een heerlijk land dat overvloeit van melk en honing, net zoals de God van uw voorouders het u heeft beloofd. [4] Israël, luister: de HERE is onze God, de HERE is één. [5] Heb de HERE, uw God, lief met heel uw hart, en geheel uw ziel en al uw krachten. [6] En u moet de geboden die ik u vandaag geef, voortdurend in gedachten houden. [7] U moet ze uw kinderen inprenten en erover praten als u thuis bent of buiten loopt. Ja, ook tijdens het opstaan en naar bed gaan. [8] Bind ze aan uw hand, draag ze op uw voorhoofd [9] en schrijf ze op de deurposten van uw huis en op de poorten van uw steden. [10] Wanneer de HERE, uw God, u in het land heeft gebracht dat Hij uw voorouders Abraham, Isaak en Jakob beloofde en u grote steden vol met goede dingen heeft gegeven—steden die u niet zelf hebt gebouwd, bronnen die u niet hebt gegraven en wijngaarden en olijfbomen die u niet hebt geplant—en wanneer u uw buik vol hebt gegeten, zorg er dan voor dat u de HERE, die u uit Egypte—het land van de slavernij—heeft bevrijd, niet vergeet. [13] Als u voldaan bent, vergeet dan niet Hem dankbaar te zijn en Hem te dienen en alleen zijn naam te gebruiken voor het bekrachtigen van uw beloften. [14] U mag de afgoden van de naburige volken niet vereren, [15] want de HERE, uw God, die bij u woont, is een jaloerse God. Zijn toorn zou dan wel eens tegen u kunnen ontbranden, zodat Hij u van de aardbodem wegvaagt. [16] U moet de HERE, uw God, niet op de proef stellen, zoals u deed toen u zich tegen Hem beklaagde bij Massa. [17] U moet al zijn geboden met woord en daad gehoorzamen. [18] Alleen dan zult u doen wat rechtvaardig en goed is in de ogen van de HERE. Als u Hem gehoorzaamt, zal het u goed gaan en zult u het land kunnen binnentrekken en in bezit nemen dat de HERE uw voorouders beloofde. [19] Ook zult u in staat zijn uw vijanden die in uw land leven te verdrijven, want de HERE heeft dat al bepaald. [20] Als uw zoon later aan u vraagt: “Wat is het nut van de wetten die de HERE, onze God, ons heeft gegeven?”, [21] moet u hem antwoorden: “In Egypte waren wij slaven van de farao en de HERE voerde ons met grote kracht [22] en machtige wonderen uit Egypte, wonderen die onheil brachten over Egypte, de farao en zijn hele volk. Wij hebben dat met onze eigen ogen gezien. [23] Hij leidde ons uit Egypte om ons het land te geven dat Hij onze voorouders had beloofd. [24] Hij heeft ons bevolen al deze wetten te gehoorzamen en Hem hoog in ere te houden, zodat Hij ons kan laten leven zoals Hij tot nu toe heeft gedaan. [25] Zolang wij alle wetten van de HERE onze God gehoorzamen, zullen wij rechtvaardig tegenover God zijn, omdat wij doen wat Hij ons heeft geboden.” ’
